‘Het personeel is de tweede primaire functie van een bedrijf’

Veel metalektrobedrijven zijn echte familiebedrijven die van generatie op generatie overgaan. Wat maakt deze bedrijven onderscheidend? Gaan ze anders met medewerkers om? En hoe kijken zij naar de toekomst? In de serie ‘Het familiebedrijf’ is dit keer het woord aan Ben van Berge Henegouwen, general manager van West End.

West End, een specialistische machinefabriek, bevindt zich middenin de Bollenstreek. Met bloembollen doet dit familiebedrijf echter niets. Wel met prestigieuze klanten als Akzo Nobel, Duyvis, ESA, Airbus en Heineken, die zich ook in de nabije omgeving bevinden. Ben van Berge Henegouwen legt uit: “Mijn familie verzorgt al decennialang onderhoud, reparatie en revisie van verbrandingsmotoren in deze regio. Begonnen met schepen, auto’s en vrachtwagens doen we dat nu vooral voor industriële klanten. Van verf en voeding tot medicijnproductie en ruimtevaart. Bovendien fabriceren we op verzoek van onze klanten ook nieuwe machines voor industriële toepassingen en wetenschappelijk onderzoek.”

Wat maakt uw bedrijf onderscheidend?

“Ons kwaliteitsniveau is hoog. Dat moet ook wel als je onze klanten wilt bedienen. Voor de ruimtevaart of voedingsindustrie zijn strenge certificeringen een vereiste. Maar ons allerbelangrijkste kenmerk is dat wij extreem klantgericht zijn. Wij zijn geen productiebedrijf met een afdeling service, wij zijn een servicebedrijf met een productiekarakter. Onze ambitie is ’s werelds beste assistent te zijn voor onze klanten. Onze klanten moeten succesvol zijn en daar willen wij graag ons steentje aan bijdragen.”

‘De medewerkers voelen ook als onderdeel van het gezin.’ 

Heeft een familiebedrijf een andere cultuur en waar uit zich dat in?

“Mijn vader is nu 70 maar still going strong. Hij loopt hier nog altijd rond als, zoals hij zelf noemt, ‘ondersteunende aan alles en iedereen’. Mijn moeder werkt op de administratie. Mijn broer is lasdeskundige en kwaliteitsmanager. En mijn neef is een goede tekenaar die ook het klantcontact verzorgt. Zij zijn mijn directe familie, maar de andere 50 medewerkers voelen ook als onderdeel van het gezin. Bij een multinational ben je vaak een nummer. Hier doen we alles met elkaar. We streven naar een warme band en lange relaties. Zowel met klanten als met medewerkers.”

Gaat een familiebedrijf anders met zijn medewerkers om?

“Technische bedrijven zijn vaak meer met de techniek bezig dan met het personeel. Vreemd naar mijn idee, want het personeel is de tweede primaire functie van een bedrijf. Daar moet je dan ook ruime aandacht voor hebben. Wij weten wat er speelt in iemands privéleven en laten elkaar niet vallen. Ons contact is informeel. Een functioneringsgesprek vindt bij ons gewoon plaats op de werkvloer tussen de machines in. Daar voelt iemand zich immers het prettigst.”

Is opleiding en ontwikkeling voor jullie belangrijk?

“Ja, erg belangrijk. Wij zijn de werktuigbouwkundig specialist die de klant inroept. Dat specialisme leer je helaas niet op school. Vanuit school leert iemand de basis skills, maar de overige skills leren wij hen. We leveren maatwerk aan onze klanten en daar is ook een maatwerk opleiding voor nodig. Personeel stroomt bij ons vaak in vanaf het vmbo, waarna wij hen opleiden tot de vakman die ze tien jaar later zijn. Dat vereist strategische personeelsplanning en een hele goede documentatie van de kennis die we in huis hebben. We hebben het volledige proces in stappen opgedeeld en per stap moeten er minstens drie personen in huis zijn die daarvoor de juiste skills hebben.”

Lukt het West End om jongeren aan te trekken?

“Het begint met stages en daar steken we bij West End veel energie in. Dagelijks bestaat zo’n 10 procent van ons personeelsbestand uit stagiaires. Van verschillende scholen en verschillende niveaus. Een goede samenwerking met scholen vinden we erg belangrijk. Het bepaalt immers of je voldoende nieuwe instroom hebt. Binnenkort ga ik op de Leidse Instrumentmakers School lessen verzorgen over space engineering. En we staan natuurlijk met grote regelmaat op open dagen, verzorgen excursies en zijn aanwezig op sociale media als Facebook.”

‘Wij zijn geen productiebedrijf met een afdeling service, wij zijn een servicebedrijf met een productiekarakter.’

 Richt u zich op duurzame inzetbaarheid? En zo ja, hoe krijgt dat vorm?

“Duurzame inzetbaarheid is dé trend van nu. Maar ergonomie is natuurlijk al jarenlang een belangrijke vereiste. Je doet er toch gewoon alles aan om medewerkers op een goede manier aan het werk te houden? We werken veilig en ergonomisch. En we houden onze kennis permanent relevant, ook voor onze 50-plussers. Daarnaast zorgen we voor een brede kennis, zodat iemand ook inzetbaar blijft bij tegenslagen. Krijgt een lasser iets aan zijn ogen, dan moet hij natuurlijk wel iets anders kunnen doen. Vandaar dat we ook aan roulatie doen. Dat is goed voor de kennis, maar ook voor het enthousiasme en de betrokkenheid van werknemers. De binnendienst gaat bijvoorbeeld regelmatig mee naar klanten, zo zien zij ook waar de producten terecht komen.”

Kijkt uw bedrijf als familiebedrijf met een andere bril naar de toekomst? Welke rol speelt opvolging?

Vader en zoon

“Er was vroeger geen naschoolse opvang dus als kind bracht ik mijn tijd veelal hier op de werkvloer door. Dat vond ik magisch. Wubbo Ockels was een van onze klanten en dat sprak natuurlijk wel tot de verbeelding. Kennisoverdracht was dus iets waar we al van kinds af aan op een ongedwongen manier mee bezig waren. Zo gaat dat met opvolging in familiebedrijven. Er wordt altijd aan de lange termijn gedacht. En dat doen we ook met klanten. Met onze belangrijkste klanten gaan we periodiek om de tafel om te bespreken wat er speelt en wat dat voor ons zou kunnen betekenen. Op die manier zijn we voorbereid en kunnen we meebewegen.”

Wat betekent A+O als opleidingsfonds voor uw bedrijf?

“Onze regiomanager Gerald Bes houdt regelmatig een spiegel voor waardoor we ons beter realiseren wat er in de regio speelt en wat wij moeten doen om zelf de punt geslepen te houden. Het cursusaanbod speelt daar prima op in en ook de regiobijeenkomsten zijn erg leerzaam. Kortom, A+O heeft voor ons een belangrijke informatiefunctie en fungeert als inspiratiebron.”

Meer informatie

Ben van Berge Henegouwen, general manager bij West End, telefoonnummer 088 – 700 72 00 of e-mail bvanbergehenegouwen@westendbv.nl.

A+O contactpersoon
Gerald Bes
Regiomanager West-Nederland
Ter inspiratie / alle berichten